Mijn naam is René Rovers en ben op 13-7-1969 te Hoensbroek geboren. Op 6-jarige leeftijd ben ik begonnen met Algemene Muzikale Vorming (AMV). Na 2 jaar startte ik met de praktijkopleiding van mijn hoofdvak: Trompet. Het opleidingstraject nam serieuze vormen aan en heb dan ook al mijn diploma’s en getuigschriften behaald die op de muziekschool te behalen zijn inclusief 2 jaar voorbereidend vakonderwijs. Na mijn theoretische toelating op het conservatorium te Maastricht volgde de praktijk en deze was, door een enorm aanbod van trompettisten in die tijd, een loterij en daar viel ik net buiten. Ik besloot om mijn muzikale carrière voort te zetten bij de Koninklijke Luchtmacht en ben dan ook aangenomen als trompettist bij de Kapel van de Koninklijke Luchtmacht. Na 2 jaar elke dag te hebben gemusiceerd “zwaaide ik af” en stond weer in de “normale” maatschappij en vroeg mijzelf af of ik dit nog wel wilde. Hierop besloot ik een vakgerichte opleiding in de techniek te kiezen en de muziek op een laag pitje te zetten. Door de contacten die ik had met wederzijdse dirigenten en voorzitters ben ik gevraagd om het Jeugd & Opleidingsorkest van de Koninklijke Fanfare Eendracht uit Waubach te gaan leiden dat in november 1997 werd opgericht, hierop heb ik ja gezegd en tot op de dag van vandaag heb ik daar nog steeds geen spijt van. Het is een enthousiaste groep jonge mensen die bewust kiezen om hun instrument als hobby te zien en daar dan ook “voor willen gaan” Met wat steun op de “grote instrumenten” van enkele volwassene kun je spreken van een volwaardig orkest waar de opleiding en leermomenten centraal staan. Ook de interne muziekopleiding van de fanfare is een belangrijke pijler voor de vereniging waarbij ik alle klein-koperblazers opleid en hen probeer te leren dat het heel belangrijk is om plezier te hebben in het musiceren en dat de muzikanten er zelf tijd en energie in moet steken omdat het echt niet vanzelf gaat. Persoonlijk is het een verrijking voor mijn muzikale ontwikkeling, soms wat druk omdat er allerlei zaken gecombineerd moeten worden met je dagelijks werk maar na 10 jaar nog altijd meer dan de moeite waard.